augustus 2008


Dina Tersago uit zich.

In een onthullend interview in een vooraanstaand Vlaams Magazine, verklaart Dina Tersago dat ze het niet langer wil verbergen dat ze eigenlijk kleiner is dan ze zich voordoet. Dit op aandringen van de therapeut, waarbij ze sinds een aantal maand in behandeling is.

Dina lijdt sinds haar prille kinderjaren aan achondroplasignotifobia , een irrationele angst om ontmaskerd te worden als niet zo groot te zijn als men er uit ziet. “Het is ontstaan toen ik voor de klasfoto in de kleuterklas op de achterste rij moest gaan staan, op een trapje, en nadien iedereen dacht dat ik echt zo groot was. Sindsdien ben ik bang dat zal ontdekt worden dat ik eigenlijk kleiner ben dan ik me voordoe. Toen er een mediacarrière in het verschiet lag, heb ik in alle contracten steeds bedongen dat de beelden en foto’s van mij zouden bewerkt worden zodanig dat ik er ook effectief groter zou uitzien. Zo stond mijn fobie mijn carrière aanvankelijk niet in de weg. Het geheim woog echter zwaar op me en op den duur ging ik er onderdoor. Ik heb nog geprobeerd me ter compensatie verschillende kapsels aan te meten, maar het mocht niet baten. Ik moest in behandeling. Uiteindelijk is het me nu gelukt om er met behulp van acceptatietherapie en mindfulnesstechnieken te leren mee leven. Ik zie het dan ook als een bijzonder grote (!) overwinning op mezelf dat ik momenteel mijn eerste fotoshoot achter de rug heb waarbij de beelden op geen enkele manier gemanipuleerd zijn, maar ik er uit kom zoals ik werkelijk ben.”

Advertenties

Smaragdgroen is ze, de Sorgue en ze wordt geboren uit het niets tegen de wand van de gesloten vallei, de vallis clausa, de Vaucluse. Langs idyllische plaatsjes zoekt ze zich een weg naar de Rhône.

De Sorgue met de kano afvaren stond op het verlanglijstje van la jeunesse en dus brachten we onze kroost naar de afvaartplaats. Omdat, wij moeders, het leven op zich avontuurlijk genoeg vinden zonder bootje, waren N en ik niet te overtuigen om plaats te nemen in zo een ding. Snel bleek echter dat we daar zelf geen inspraak in hadden en zo kwam het dat N en ik even later, deftig in fluoreddingsvest gehuld, aandachtig de aanwijzingen van de gespierde instructeurs zaten te volgen.

“Er zijn veel overhangende takken: nooit zijwaarts buigen, altijd plat naar voren gaan liggen om ze te ontwijken”, dat moesten we goed onthouden.

De afvaart begon en net op het ogenblik dat we een zweem van dankbaarheid tegenover onze kinderen voelden omdat ze ons hadden meegesleurd op deze mooie tocht, bood zich links een kanjer van een overhangende tak aan. Alsof het de olympische discipline synchroon zwemmen betrof, bogen N en ik naar rechts en ging het bootje over kop.

Tien minuten later, althans zo leek het, kwam ik weer boven water en zwom ontdaan naar de dichtsbijzijnde oever. De verkeerde oever, zo bleek. Ik zocht vertwijfeld naar N. En toen zag ik haar, even verder, bengelend boven het water, haar armen in een onontwarbare knoop om een tak heen geslagen.

Ondertussen was de rest van het gezelschap op de andere oever aangemeerd en nam stelling om de reddingswerken op de voet te kunnen volgen. Sommige ramptoeristen dierven het zelfs aan een fototoestel uit hun waterdichte trommeltje te halen. Omdat de oever waarop we ons bevonden ondoordringbaar was moesten we naar de overkant. Zelf mocht ik aanhaken aan een welwillende voorbijvarende kano en ik doorkliefde met ware doodsverachting het kolkende water en de stroomversnelling. N echter, leek vergroeid met haar boom.

Door de instructeurs werd ze aangemaand zich te laten vallen in het water en zich met de stroming te laten meedrijven, recht in hun armen.
” ‘k versto gè frans mè ” was het luidkeels antwoord van N. Het liet aan duidelijkheid niets te wensen en ze bleef verknocht aan haar boom. De stoere mannen hadden geen andere keuze dan zich met een bootje, tegen de stroom in tot bij N te worstelen en haar met vereende krachten uit de boom te plukken.

We blijven N dankbaar voor het lanceren van een nieuwe uitdrukking. ‘K versto gè frans mè, is sindsdien dé manier om duidelijk te maken dat je iets niet wil doen.
De Sorgue hebben we later enkel nog pedibus cum jambis verkend, en geloof me, dat is ook mooi.

Dit noem ik nog eens breien se. Moeder, waar wacht je op?

Sebastian Schönheit

(Schönheit!)

Dit artikel wordt verschoven naar een volgende keer.

Geachte hoofd en andere redacteur van deze blog,

Ik moet u een bekentenis doen. Ik heb mijn werk verwaarloosd en een zware fout gemaakt. Ik heb een Vlaamse scoop gemist. Bij het opschonen van mijn mailbox ontdekte ik een mail van onze medewerkster Marie van 25 april jl. waarin ze mijn aandacht vestigde op een betoverend filmpje. Het was al op honderden blogs verschenen wereldwijd, maar als er één blog was waar het echt op zijn plaats was, dan was het deze, wist ze me te vertellen. Het is ondertussen al 8,125,384 keer bekeken. Niet slecht.

Ik heb het over het hoofd gezien. Niet de mail, niet het filmpje, dat heb ik meermaals bekeken. Wel de publicatie ervan. Niet gebeurd, heb ik nu ontdekt, al was ik in de overtuiging van wel. Een vergetelheid van mijnentwege. Vermoedelijk wegens andere drukke bezigheden. Was het niet net in die periode dat ik de inventaris moest maken van onze Bollie-stock?

Ter compensatie en als wiedergutmachung een ander filmpje. Het kan niet tippen aan de schilderwerken, maar het is het bekijken waard. Al was het maar om de muziek. Een ode aan de vrouw.

Met welgemeende excuses en ik zal in het vervolg beter opletten.

Collegiale groeten.

Een deftig vakantieverhaal.

In een krantenwinkel in Volterra zie ik de Italiaanse ‘Glamour” staan met op de cover een fluosticker: “Italy 1,50 €”. Meenemen, denk ik, goed voor het Italiaans en prettig voor een luie vakantienamiddag. Ik kwam al eerder in dit winkeltje, de eigenaresse lijkt zo oud als het stadje zelf. En door haar norsheid en onvriendelijkheid vermoed ik dat ze daar heel erg last van heeft.

Ik neem alvast gepast geld en wanneer het mijn beurt is, toon ik het tijdschrift, geef het geld en stap door. “No! No! Signora!” word ik teruggefloten. Ik keer terug naar de kassa en de dame is bezig met de zijkant van het magazine te bestuderen. “2,80 € eur!” snauwt ze bitsig. “No no”, werp ik op in mijn beste Italiaans, “1,5 €, guarda sulla copertina!”. Maar de dame schudt heftig het hoofd. “No no signora! Tu: GERMAN!!”, terwijl ze heftig verontwaardigd met haar vinger in mijn richting wijst. Er heeft zich ondertussen een rij wachtenden gevormd achter mij. Ik wil opwerpen dat ik helemaal geen Duitse ben, maar ik hou me in, wat heeft dit er mee te maken, vraag ik me verbaasd af. Ze duwt de zijkant van de Glamour onder mijn neus en wijst op de verkoopprijs in Duitsland: 2,80 €. Er naast staat de prijs in België, Nederland, Frankrijk.

Ik bedenk hoe ik in het Italiaans én met een uitgestreken gezicht deftig kan uitleggen dat ze het verkeerd voor heeft. Terwijl begint een dame achter mij een Italiaanse litanie af te ratelen, waaruit ik begrijp dat ze tegen de winkeluitbaatster ongeveer zegt wat ik wou zeggen. Oef. Afgesloten met een ferme “Basta”. De dame achter de kassa trekt gelaten haar schouders op en gebaart verongelijkt naar me als tegen een lastige hond die je wegjaagt. Ik vlucht buiten want ik hou het niet meer. De hele terugweg niet.

Ik vraag me af nog steeds af of ze dat nu écht meende en niet beter wist. Of probeert ze dit bij elke toerist en hoeveel heeft ze er door de jaren dan al afgezet op deze manier? En ik moet nog steeds lachen wanneer ik er aan terugdenk. Omdat ik me ook afvraag waaruit ze opmaakte dat ik een Duitse was. Een Duitse.

Don’t tell me I’m too old…

Come and watch me dancing!

The original.

Volgende pagina »